Landbouwers en stedenbouwers ontmoeten en begrijpen elkaar te weinig. De denkwijze over de combinatie van land- en stedenbouw zit dan ook vol met vooroordelen. Zo zou stedenbouw de facto een verwoestende invloed hebben op landbouw en is landbouw geen onderwerp om te bespreken binnen een stedelijke context. Boer·inn·en worden met name geconfronteerd met de problemen van verstedelijking, steden zien landbouwers en hun meerwaarde voor een stedelijke omgeving te vaak over het hoofd. En dat terwijl agro-ecologische landbouwers een sleutelrol kunnen spelen in het transformerend stadslandschap van vandaag. Hoe kunnen deze twee schijnbare tegenpolen zich bewegen richting een gedeelde agenda?

Waar stedenbouw doorgaans is gestoeld op collectieve organisatie, is een dergelijke interpretatie voor landbouw nog ongewoon: steden kijken vaak niet verder dan voedselverspilling en kleinschalige stadslandbouw. Michiel Dehaene (UGent) en Chiara Tornaghi (Coventry University) pionierden met de wetenschappelijke benadering van agro-ecologische stedenbouw, die zich richt op de versterking van grondgebonden landbouw in een verstedelijkt landschap. Om dit academische concept naar de praktijk te brengen, verzamelden ze een internationale groep met landactivisten, sociologen, boerenorganisaties, architecten en onderzoekers uit andere disciplines om te werken rond vier steden. Dit onderzoeksproject, genaamd ‘Urbanising in Place’, leidde tot de publicatie van de online resource ‘Building an Agroecological Urbanism’.

Online resource ‘Building an Agroecological Urbanism’
‘Building an Agroecological Urbanism’ roept landbouwers en stedenbouwers op om gedeelde strategieën rond voedselproductie te ontwikkelen. Het online platform vertrekt vanuit een reeks conversation stoppers, die aantonen waar de dialoog tussen landbouwers en stedenbouwers vaak stokt. ‘Er is elders genoeg land voor voedsel, ruimte dicht bij de stad moeten we gebruiken voor andere behoeftes,’ is bijvoorbeeld een argument van stedenbouwers. Een landbouwer daarentegen zou kunnen stellen dat ‘de stad niets kan betekenen voor zijn of haar landbouwbedrijf behalve een verkooppunt te zijn’.

Veronderstellingen als deze ontkrachten we met conversation starters: inzichten en praktijkvoorbeelden die aantonen welk effect het heeft als de twee sectoren wél ruimte aan elkaar durven te geven. Een gedeelde agenda rond agro-ecologische stedenbouw heeft immers een stevig fundament nodig. De voorbeelden reiken van kleinschalige initiatieven, zoals pay-what-you-can groenteboxen, tot grootschalige strategieën, zoals de koppeling van agro-ecologische voedselproductie met regionaal drinkwaterbeleid.

Een reeks building blocks geeft ten slotte handreikingen voor samenwerkingsvormen: te ontwikkelen projecten en praktijken, die een samenwerking vragen tussen landbouwers en stedenbouwers, om invulling te geven aan een agro-ecologische stedenbouw.

Actie-onderzoek ‘Urbanising in Place’
‘Urbanising in Place’ is de wetenschappelijke achtergrond van ‘Building an Agroecological Urbanism’. Het onderzoeksproject richtte zich op innovatieve landbouw- en voedselteeltpraktijken in vier stedelijke contexten. Rosario spant daarbij de kroon: in deze Argentijnse havenstad was agro-ecologie de afgelopen dertig jaar leidend voor een herorganisatie van de stad, waardoor hier al een verscheidenheid aan stedelijke agro-ecologische infrastructuur en beleid is opgezet. In Londen is gewerkt aan het belang van randstedelijke landbouw ('fringe farming’) op de stedelijke agenda te zetten en aan de praktijkontwikkeling van bodemzorg. In Riga stond de herwaardering van eigen productie centraal, en werd in het bijzonder geëxperimenteerd rond Lucavsala, een eiland van 150 ha vol volkstuintjes. AWB was medeverantwoordelijk voor het maken van de online resource, alsook voor het onderzoek over de Brusselse context.

We ondervonden dat de nadruk in Brussel moet liggen op een alliantie van menselijke sleutelfiguren die een agro-ecologische infrastructuur operationeel maken. De toekomst heeft behoefte aan nieuwe functies: verschillende soorten stedelijke agro-ecologen die de verspreide landbouwgronden schakelen in een landschapsstrategie, die lokale voedselinfrastructuren opzetten en die stedelijke transformaties en ontwikkelingen kunnen bekijken door een agro-ecologische bril. Zo bieden zij de nodige ondersteuning voor boer·inn·en in Brussel, maar ook buiten de gewestgrenzen, en brengen ze Brussel dichter bij haar ambitieuze doelstellingen in verband met herlokaliseren van voedsel.

Type: Atelier, Onderzoek

Jaar: 2018-2022

In het kader van: JPI SUGI Urban Europe, Belmont Forum

Met ondersteuning van: Innoviris

Partners: Universiteit Gent (BE), Coventry University (UK), Sheffield University (UK), Quantum Waste (UK), Shared Assets (UK), Wageningen University & Reserach (NL), Sampling (LV), Art Academy of Latvia (LV), COINCET (AR), URBEM (BR), RUAF (NL)

Ontwerp, ontwikkeling en fotografie: Gestalte (graphic design website), Wetnet (webontwikkeling), Lies Engelen (fotografie), Bob Van Mol (fotografie)

Building an Agroecological Urbanism - online resource

EN FR NL
WORKROOM

Architecture Workroom Brussels richt zich sinds 2010 op de toekomst van onze leefwereld. De organisatie begon als een vrijplaats die het verband tussen ruimte en sociaal-maatschappelijke transities agendeerde, met het oog op een toekomstgerichte ontwerppraktijk, opdrachtgeverschap en bouwcultuur.

Dat de verbouwing van onze straten, wijken en landschappen een voorwaarde en hefboom is om maatschappelijke doelen in synergie te bereiken, is intussen duidelijk. Toch stellen we vast dat de nodige transformaties moeilijk voorstelbaar en uitvoerbaar blijven. Ze raken aan zoveel domeinen en actoren dat de verantwoordelijkheid bij iedereen ligt, en daardoor uiteindelijk bij niemand.

Daarom kiezen we ervoor om de ruimte te maken die hen verbindt. En met die aangescherpte missie komt een nieuwe naam: WORKROOM, Huis voor transformatie. WORKROOM is het gedeelde huis waar de toekomst van onze leefwereld wordt verbeeld en georganiseerd.

Momenteel nemen we het voortouw op drie missiegerichte transformaties:

  • MAATSCHAPPELIJKE BROEDPLEKKEN - Tegen 2030 bundelen actoren uit jeugd, sport, cultuur, onderwijs en zorg hun krachten om plekken van veelzijdig maatschappelijk belang te realiseren die structureel eenzaamheid, versnippering en druk op publieke infrastructuur aanpakken.
  • FOSSIELVRIJE WIJKEN - Tegen 2030 zijn minstens tien wijken aan de slag met de omschakeling naar fossielvrije energie op een inclusieve en betaalbare manier, met het oog op een volledige uitstap uit fossiele energie tegen 2040.
  • SPONSLANDSCHAPPEN - Tegen 2030 realiseren we water-, landbouw- en natuurdoelstellingen binnen een samenhangende aanpak op schaal van het afstroomgebied, waarin sterke gebiedscoalities collectief het sponsvermogen van het landschap versterken.

Om deze transformaties waar te maken, werkt WORKROOM schouder aan schouder met pionierende ontwerpers, lokale besturen, organisaties en ondernemingen, overheden, kennisinstellingen en impactinvesteerders.

Via co-creatief ontwerp verbeelden we gedeelde toekomstpaden in tentoonstellingen, publicaties, innovatietrajecten en publieksprogramma's. In deze werkruimtes verbinden we de actoren die deze transformaties kunnen realiseren. Van daaruit ontwerpen we het gedeelde eigenaarschap en de organisatie-, financierings- en beleidsmodellen die leiden tot daadwerkelijke verandering.

De naam is eenvoudiger. De inzet groter. WORKROOM is het gedeelde huis waar we de sociaal-ruimtelijke transformaties oppakken die niemand alleen kan realiseren. In een tijd van polarisatie, verkokering en instabiliteit is dat misschien wel het meest radicale dat we kunnen doen.